Meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling

Ingaande 01 januari 2012 is de wet voor het verplichte gebruik van de Meldcode Huiselijk Geweld en Kindermishandeling van kracht. De meldcode moet worden gebruikt in diverse beroepsgroepen waaronder ook de thuiszorg.

De meldcode omvat een stappenplan die de medewerker stap voor stap door het proces leidt vanaf het moment dat signalen worden opgevangen tot het moment dat een beslissing over een eventuele melding moet worden genomen. De stappen die worden omschreven zijn in een bepaalde volgorde gerangschikt, maar deze volgorde is niet dwingend. Het gaat erom dat in het proces alle stappen worden doorlopen. Het vastleggen van de stappen geven dit proces een formele basis en zorgt ervoor dat geen stappen worden overgeslagen.

KINDERMISHANDELING

‘Elke vorm van voor de minderjarige bedreigende of gewelddadige interactie van fysieke, psychische of seksuele aard, die de ouders of andere personen, ten opzichte van wie de minderjarige in een relatie van afhankelijkheid of van onvrijheid staat, actief of passief opdringen, waardoor ernstige schade wordt berokkend of dreigt te worden berokkend aan de minderjarige in de vorm van fysiek of psychisch letsel.’

Vormen van kindermishandeling
De definitie omvat verschillende vormen van kindermishandeling. Het gaat daarbij meestal om een combinatie van onderstaande vormen:

  1. Geweld: lichamelijk, emotioneel.
  2. Verwaarlozing: prenataal, lichamelijk, emotioneel, onthouden van onderwijs en pedagogische verwaarlozing.
  3. Seksueel misbruik: bijvoorbeeld seksueel getinte handelingen die onder dwang plaatsvinden.
  4. Getuige zijn van Huiselijk Geweld
  5. Münchhausen door Proxy/ Pediatrische aandoening Falsification
  6. Exploitatie: kinderarbeid, prostitutie, pornografie.
  7. Schending van recht op zelfbeschikking: vrouwelijke genitale verminking, eergerelateerd geweld, gedwongen uithuwelijken, indoctrinatie.

Ongeboren baby’s kunnen ook slachtoffer zijn van kindermishandeling. Onder ‘ouders’ vallen ook stiefouders, adoptiefouders, pleegouders of partner van een van de ouders. Anderen in soortgelijke positie’ zijn mensen van wie het kind ook afhankelijk is voor aandacht, bescherming en verzorging. Bijvoorbeeld buren, vrienden of kennissen, broer of zus, de leerkracht of oppas
12.1 Huiselijk geweld

HUISELIJK GEWELD

Huiselijk geweld is geweld dat door iemand uit de huiselijke of familiekring van het slachtoffer wordt gepleegd. Hieronder vallen lichamelijke en seksuele geweldpleging, belaging en bedreiging (al dan niet door middel van, of gepaard gaand met, beschadiging van goederen in en om het huis).

Belangrijk: de combinatie kinderen en huiselijk geweld betekent altijd kindermishandeling. Vormen van huiselijk geweld:

  • Lichamelijk geweld: slaan, schoppen, door elkaar schudden.
  • Psychische mishandeling: vernederen, schelden.
  • Verwaarlozing
  • Seksueel misbruik: verkrachting binnen relatie en seksuele kindermishandeling.
  • Schending van rechten: bijvoorbeeld beperking van bewegingsmogelijkheden.
  • Financiële uitbuiting
  • Belaging: stalken.
  • Eer gerelateerd geweld: geestelijk of lichamelijk geweld in reactie op een (dreiging van) schending van de (familie)eer en huwelijksdwang.
  • Kinderen als getuigen: blootstelling aan partnergeweld.
  • Kindermishandeling
  • Ouderenmishandeling: vaak een gevolg van overbelaste mantelzorg c.q. ontspoorde zorg.

  • STAP 1 IN KAART BRENGEN VAN SIGNALEN
    SIGNALEN IN KAART BRENGEN Breng signalen die een vermoeden van huiselijk geweld of kindermishandeling bevestigen of ontkrachten in kaart en leg deze vast in het zorgdossier. Leg ook de contacten over de signalen vast, evenals de stappen die worden gezet en de
    Besluiten die worden genomen.
    FEITELIJK BESCHRIJVEN Beschrijf signalen zo feitelijk mogelijk. In kaart brengen betekent beschrijven wat u ziet en hoort. Bekijk alles wat van invloed is op het welzijn en gezondheid van de cliënt (de risico- en
    Beschermde factoren).
    OBJECTIVITEIT Maak geen conclusies en ga niet invullen of interpreteren. Het zien van signalen hoeft nog niet altijd te betekenen dat er ook sprake is van kindermishandeling of huiselijk geweld. Als de signalen overduidelijk wijzen op een acuut onveilige situatie mag
    Direct contact opgenomen worden met de politie.

STAP 2 OVERLEG SIGNALEN


INTERN OVERLEG

Er moet altijd intern overlegd worden met het bestuur van Zorgboerderij Molenhoek. Hij vraagt, als het nodig is, advies bij AMK/BJZ en/of SHG. Je mag de informatie intern binnen de organisatie doorgeven. Voor extern overleg is toestemming van de cliënt nodig.


PLAN VAN AANPAK

Gezamenlijk met de uitvoerder wordt een plan van aanpak
Gemaakt met advies. Het advies geeft de aanwijzingen voor stap 3.

STAP 3 IN GESPREK MET DE CLIENT


SIGNALEN BESPREKEN MET ZORGVRAGER

De signalen met de cliënt worden besproken. Indien ondersteuning bij het voeren van het gesprek geïndiceerd is, wordt dit gezamenlijk gedaan met het bestuur, mogelijk na advies van het Advies- en Meldpunt Kindermishandeling of het Steunpunt Huiselijk Geweld.


INHOUD GESPREK

In het gesprek komen de volgende zaken aan de orde: Het doel van het gesprek wordt aan de cliënt uitgelegd. De feiten die zijn vastgesteld en de waarnemingen die zijn gedaan worden beschreven.
De cliënt wordt gevraagd een reactie hierop te geven.

STAP 4 AARD, ERNST EN RISICO OP KINDERMISHANDELING


AARD & ERNST

De aard en de ernst van het huiselijk geweld of de kindermishandeling wordt op basis van de signalen, ingewonnen advies en het gesprek met de cliënt gewogen. Ook de aard en de ernst van de situatie wordt gewogen. In de afweging over het al dan niet melden van (vermoedens van) huiselijk geweld of kindermishandeling dienen de volgende vragen als gerichte ondersteuning in de besluitvorming:

  • Kan ik door te spreken zwaarwegende belangen van de klant behartigen?
  • Is er een andere mogelijkheid hetzelfde doel te bereiken zonder dat ik de vertrouwelijkheid tussen mij en de cliënt hoef te verbreken?
  • Waarom is het niet mogelijk de toestemming van de cliënt te vragen of krijgen voor het bespreken van diens situatie met iemand die kan helpen?
  • Zijn de belangen van de cliënt die ik wil dienen met mijn spreken zo zwaar dat deze naar mijn oordeel opwegen tegen de belangen die de cliënt heeft bij mijn zwijgen?
  • Als ik besluit om te spreken aan wie moet ik dan welke informatie verstrekken zodat het geweld of de
    Mishandeling effectief kan worden aangepakt?
    INFORMATIE VASTLEGGEN
  • De afweging wordt altijd in het zorgdossier (Cliendo) opgenomen. Vastgelegd wordt welke informatie mag worden uitgewisseld en met wie. Vermelding van welke pogingen gedaan zijn om toestemming te krijgen voor gegevensverstrekking, ook als de toestemming uiteindelijk toch wordt geweigerd. (AVG-formulier)

STAP 5 BESLISSEN EN MELDEN


ZELFHULP of MELDEN

Beslissen: zelf hulp organiseren of melden
Wanneer de afweging is dat de cliënt en diens gezin voldoende tegen het risico van huiselijk geweld of kindermishandeling kan worden beschermd:

  • Wordt de noodzakelijke hulp georganiseerd door Zorgboerderij Molenhoek;
  • Worden de effecten van deze hulp gevolgd;
    • Wordt alsnog melding gedaan als er signalen zijn dat het huiselijk geweld of de kindermishandeling niet stopt of opnieuw begint.
  • MELDING BIJ AMK / SHG Melding doen bij AMK/SHG
    Wanneer er ingeschat wordt, dat de cliënt niet voldoende tegen het risico van huiselijk geweld en/of kindermishandeling beschermd kan worden, wordt melding gedaan van het vermoeden hiervan bij het Advies- en Meldpunt Kindermishandeling of het Steunpunt Huiselijk geweld.
    De melding wordt vooraf met de klant besproken. In dit gesprek komen de volgende zaken aan de orde:
  • Waarom de melding wordt gedaan en wat het doel hiervan is;
  • Het verzoek om de reactie van de cliënt;
  • In geval van bezwaren van de cliënt wordt overlegd hoe hieraan tegemoet kan worden gekomen;
  • Als dat niet mogelijk is, worden de bezwaren afgewogen tegen de noodzaak van de cliënt of diens gezinslid te beschermen tegen het geweld of de mishandeling. In de afweging wordt de ernst en de aard van het geweld afgewogen en de noodzaak om de cliënt of diens gezinslid door het doen van een melding daartegen te beschermen.
  • Een melding wordt gedaan als de bescherming van de cliënt of diens gezinslid de doorslag geeft.

Het doen van een melding zonder dat de signalen zijn besproken met de cliënt, of afzien van contacten met de cliënt over de melding kan alleen als:

  • De veiligheid van de cliënt, van de medewerker of van een ander in het geding is;
  • Als er goede redenen zijn te veronderstellen dat de cliënt hierdoor het contact zal verbreken.

Naast meldingen bij het Steunpunt Huiselijk Geweld kan ook melding worden gedaan bij de politie. De politie kan buiten de wil van het slachtoffer ingrijpen en daderhulp onder dwang op gang brengen. Ook kan de politie in een crisissituatie direct ingrijpen. Voor melding bij de politie gelden dezelfde uitgangspunten en vragen ter afweging als bij melding bij het Steunpunt Huiselijk Geweld, of het
Advies- en Meldpunt Kindermishandeling.

STAP 6 EVALUATIE
EVALUATIE

Het proces wordt geëvalueerd. Dit gebeurt gezamenlijk met de uitvoerder en de
Directie. Het evaluatieverslag wordt opgenomen in het zorgdossier.

Vermoeden huiselijk geweld door zorgverleners

VERMOEDEN HUISELIJK GEWELD DOOR ZORGVERLENER/PERSOONLIJK BEGELEIDER

Meldpunt Ouderenmishandeling in de zorg
Het Meldpunt Ouderenmishandeling in de zorg van de IGZ is er voor slachtoffers van ouderenmishandeling, hun naasten, zorgprofessionals en bestuurders van zorginstellingen.
Zij kunnen bij het Meldpunt melding maken van ouderenmishandeling gepleegd door medewerkers in de zorg.

Wat kun je bij het Meldpunt Ouderenmishandeling in de zorg?

  • Lichamelijke mishandeling, zoals slaan, knijpen of vastbinden.
    • Psychische mishandeling zoals pesten, bedreigen, afsnauwen of uitschelden.
    • Seksueel misbruik.
    • Verwaarlozing, zoals het niet geven van eten en drinken.
    • Diefstal van geld of eigendommen.
    • Ontnemen van rechten zoals het weghouden van bezoek en post.
    Hoe kunt u melden bij het Meldpunt Ouderenmishandeling in de zorg?
    Op de website van de IGZ (volg deze link) is een digitaal meldingsformulier te vinden. Je kunt de melding dus online doen. In dit digitale formulier worden vragen gesteld met betrekking tot de volgende onderwerpen:
  • Gegevens van het slachtoffer/de slachtoffers.
  • Gegevens van de vermeende pleger(s).
  • De gegevens van u als melder.
  • De omschrijving van het incident of de situatie die u wilt melden.

Daarnaast kun je via de volgende kanalen melding doen:

  • Via het telefoonnummer: 088 120 50 50 (werkdagen 09.00 tot 17.00 uur, lokaal tarief)
  • Via de mail: ouderenmishandeling@igz.nl 3. Via de Fax: 088 120 50 01
  • Via de post: Postbus 2680, 3500 GR UTRECHT

Wat gebeurt er met een melding?
De melder ontvangt bericht over wat er met de melding gebeurt. Als het Meldpunt uw melding in behandeling neemt, betekent dit dat het Meldpunt in samenspraak met de betrokken zorginstelling onderzoek doet naar de melding. De IGZ ziet erop toe dat zorginstellingen hun verantwoordelijkheid nemen in goede en veilige zorg voor ouderen. De IGZ kan maatregelen nemen wanneer zorgorganisaties onvoldoende optreden tegen de mishandeling. Meldingen zijn daarnaast een cruciale informatiebron over de kwaliteit van zorg. Het Meldpunt kan dan ook van grote meerwaarde zijn voor de kwaliteit van de zorg.

Wat kan de IGZ doen als er sprake is van ouderenmishandeling in de zorg?
De maatregelen van de IGZ lopen uiteen. De IGZ kan de zorgorganisaties stimuleren tot betere aanpak voor voorkoming ouderenmishandeling. Maar de IGZ kan ook aangifte doen tegen vermoedelijke CONCRETISEREN (Beantwoord de vragen)

□ Stap 1 – In kaart brengen signalen

Wat vind ik? Wat zijn concreet mijn zorgen? Waarop baseer ik mijn zorgen? Gaat het om vermoedens of feiten?
Wat heb ik zelf gezien en wat heb ik van anderen gehoord? Wat weet ik zelf al? Wat weet ik nog niet?
Heb ik een beeld hoe de ouders denken? Beantwoording:


□ Stap 2 – Overleggen met collega’s en eventueel veilig thuis.

Wat vinden mijn
Directe collega’s? Zie ik aspecten over het hoofd?
Sterken/ nuanceren mijn collega’s mijn zorgen?
Sterken/ nuanceert het contact met Veilig thuis mijn zorgen.
Is hiervoor de expertise van een andere professional, vanuit een andere discipline nodig?
Met welke andere betrokken professional(s) wil ik mijn zorgen bespreken?


□ Stap 3 – Gesprek met betrokkenen:

Stap 4 – Wegen huiselijk geweld/ kindermishandeling/ ouderenmishandeling


□ ACTIE ONDERNEMEN

Ik heb WEL concrete aanwijzingen voor huiselijk geweld/ kindermishandeling/
Ouderenmishandeling? Welke signalen komen naar voren uit de checklist?


□ GEEN ACTIE ONDERNEMEN Ik heb GEEN concrete aanwijzingen voor huiselijk geweld/ kindermishandeling/ ouderenmishandeling?
Motivatie ‘geen actie ondernemen’

Stap 5 – Beslissen over hulp organiseren of melden


□ ACTIE ONDERNEMEN Welke beslissing wordt genomen
Zelf organiseren of melden